Plantpaspoort Pro Partijen en paspoorten

Wetgeving en regels

Wat verlangt EU-verordening 2016/2031 precies van je kwekerij als je planten verhandelt?

Door Gepubliceerd op Bijgewerkt op 7 minuten lezen

Groenwerk in de Nederlandse buitenruimte. Beeld bij het artikel: Wat verlangt EU-verordening 2016/2031 precies van je kwekerij als je planten verhandelt?
Beeld gegenereerd met kunstmatige intelligentie

EU-verordening 2016/2031 wordt in de kwekerij meestal samengevat als "dat gedoe met die paspoortjes". Dat is jammer, want de verordening is opgebouwd rond een logica die je administratie kan sturen in plaats van dwarszitten. Deze uitleg vertaalt de regels naar wat ze concreet van jouw bedrijf vragen.

Waar de verordening over gaat

De plantgezondheidsverordening regelt hoe de Europese Unie voorkomt dat schadelijke organismen zich met plantmateriaal over de interne markt verspreiden. Het uitgangspunt is preventie: liever een organisme buiten de deur houden dan achteraf een uitbraak bestrijden.

Het plantenpaspoort is daarvan het zichtbaarste onderdeel. Het is sinds 14 december 2019 verplicht op grond van EU-verordening 2016/2031 voor het verhandelen van planten binnen de Europese Unie. Het paspoort is geen keurmerk voor kwaliteit en zegt niets over sortering, maat of gezondheid van de individuele plant. Het zegt dat de partij uit een geregistreerd bedrijf komt en dat de herkomst te achterhalen is.

Wat de verordening van jouw bedrijf verlangt

Registratie

Bedrijven moeten geregistreerd zijn bij de NVWA. Die registratie levert het nummer op dat op elk paspoort terugkomt. Verandert er iets wezenlijks aan je bedrijf, bijvoorbeeld een nieuwe locatie of een ander soort activiteit, dan hoort die wijziging in de registratie te worden verwerkt. Een registratie die niet meer klopt met de werkelijkheid op het erf is een van de eerste dingen die bij een bezoek opvalt.

Afgifte onder eigen verantwoordelijkheid

Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor de afgifte. Er komt geen instantie langs om je etiketten vooraf goed te keuren. Dat is een groot vertrouwen, en het legt de bewijslast bij jou: jij moet kunnen laten zien dat wat op het etiket staat, klopt met wat er in je administratie staat.

Traceerbaarheid in twee richtingen

De verordening wil dat een partij twee kanten op te volgen is. Terug naar de bron, dus naar de moederplant, de stekleverancier of de inkooppartij. En vooruit naar de afnemer, dus naar de bedrijven die een deel van die partij hebben gekregen. Pas als beide richtingen kloppen, kan een melding over een schadelijk organisme snel worden ingeperkt.

In de praktijk struikelen bedrijven zelden over de eerste richting en vaak over de tweede. Wie wel noteert waar planten vandaan komen maar niet per partij vastlegt aan wie ze zijn geleverd, kan bij een melding niet gericht handelen. Hoe je die twee richtingen in het dagelijkse werk sluit, staat in onze praktische gids over het afgeven van een plantenpaspoort.

Wanneer een paspoort mee moet

De verordening onderscheidt het verhandelen tussen professionele partijen van de levering aan de eindgebruiker. Die scheiding bepaalt bij welke stroom een paspoort hoort.

Veelvoorkomende leversituaties in de kwekerij
SituatiePaspoort meeAandachtspunt
Levering aan een collega-kwekerJaDe ontvanger bouwt jouw code in zijn eigen keten in
Levering aan een tuincentrum of handelaarJaEtiket moet bij de juiste partij op de kar zitten
Levering aan een hovenier voor een aanlegJaOok als de planten dezelfde week de grond in gaan
Verkoop over de toonbank aan een particulierNeeDe partijadministratie loopt intern wel gewoon door
Webshopbestelling die je verstuurtJaVerkoop op afstand valt niet onder de uitzondering
Verplaatsing tussen je eigen locatiesNeeWel intern vastleggen als partijverplaatsing

Voor bepaalde gebieden en bepaalde organismen gelden strengere eisen, waarbij het paspoort een aanvullende aanduiding krijgt. Lever je naar zo'n beschermd gebied, dan is dat geen detail dat je bij het inpakken kunt oplossen: dat regel je bij het aannemen van de order.

De administratie onder de verordening

De verordening vraagt een administratie waarin de partijen, hun herkomst en hun bestemming terug te vinden zijn. Daarnaast valt je administratie onder de fiscale bewaarplicht van zeven jaar. Die twee eisen wijzen dezelfde kant op: gooi partijhistorie niet weg zodra de laatste plant het erf af is.

Praktisch betekent dat het volgende:

  • elke partij heeft een unieke traceerbaarheidscode die nergens opnieuw wordt gebruikt;
  • elke splitsing en samenvoeging levert een nieuwe partij op die naar zijn herkomst verwijst;
  • elke levering wordt vastgelegd met datum, afnemer en aantal;
  • afgegeven paspoorten blijven terug te zoeken, ook jaren later;
  • de gegevens zijn te exporteren, zodat je nooit vastzit aan één leverancier of één computer.

Een rekenblad kan dat een tijdje aan, tot het moment dat partijen gaan splitsen en samenvoegen. Vanaf dat punt gaat een keten in een plat overzicht mis, omdat een regel maar één herkomst kan vasthouden. Dat is precies waarom de partijadministratie van Plantpaspoort Pro partijen als een keten bewaart en niet als losse regels.

De inkoopkant vergeten kwekers het vaakst

Een paspoort dat je ontvangt, is net zo goed onderdeel van jouw administratie als een paspoort dat je afgeeft. Komt er stek, plantgoed of handelsmateriaal binnen, dan hoort het bijgeleverde paspoort bij de inkooppartij te worden bewaard en niet bij het fust de container in te verdwijnen.

Drie gewoonten voorkomen gaten aan de inkoopkant:

  • controleer bij het lossen of de gegevens op het ontvangen paspoort overeenkomen met de pakbon en met wat er werkelijk op de kar staat;
  • leg de code van de leverancier vast bij jouw eigen nieuwe partij, zodat de keten over de bedrijfsgrens heen doorloopt;
  • bewaar een afbeelding of een overname van het ontvangen paspoort bij de partij, zodat je later niet afhankelijk bent van een sticker die is vergaan of losgeraakt.

Wie dit doet, kan bij een melding niet alleen zeggen aan wie hij heeft geleverd, maar ook van wie het materiaal kwam. Dat verkort de zoektocht voor de hele keten, en het beschermt je eigen positie als de oorzaak elders blijkt te liggen.

Toezicht en aansprakelijkheid

De NVWA houdt toezicht op de plantgezondheid. Een bezoek gaat zelden alleen over de sticker op de pot; het gaat over de vraag of het systeem eronder werkt. Kun je een willekeurige partij op het veld aanwijzen en binnen enkele minuten laten zien waar hij vandaan komt en waar delen ervan naartoe zijn gegaan?

Naast het toezicht speelt je positie in de keten. Levert een afnemer een klacht of komt er een melding over een organisme, dan is jouw administratie het enige dat je verhaal onderbouwt. Zonder vastgelegde herkomst wordt een discussie over verantwoordelijkheid al snel een discussie over geheugen. Onze checklist voor de NVWA-controle op plantenpaspoorten loopt langs wat je op zo'n moment paraat wilt hebben.

Wat de verordening niet regelt

Het helpt om te weten waar de plantgezondheidsregels ophouden, zodat je ze niet met andere plichten verwart.

  • Gewasbescherming. Wie gewasbeschermingsmiddelen professioneel toepast, moet een bewijs van vakbekwaamheid hebben en een administratie bijhouden van de toepassingen, met onder meer perceel, middel, dosering en datum. Dat is een aparte plicht, met de NVWA als toezichthouder.
  • Natuur en soortenbescherming. De Wet natuurbescherming is per 1 januari 2024 opgegaan in de Omgevingswet, die op diezelfde datum in werking is getreden. De zorgplicht voor beschermde soorten en broedvogels blijft gelden, bijvoorbeeld bij het rooien van beplanting.
  • Persoonsgegevens. Contactgegevens van afnemers vallen onder de Algemene verordening gegevensbescherming, die sinds 25 mei 2018 van toepassing is. Voor een kwekerij gaat het doorgaans om zakelijke contactgegevens en niet om bijzondere persoonsgegevens in de zin van artikel 9 AVG.
  • Facturatie. Een factuur moet onder meer een factuurdatum, een opeenvolgend factuurnummer, het btw-identificatienummer, naam en adres van beide partijen, een omschrijving, de hoeveelheid en de datum van levering bevatten. Bij intracommunautaire leveringen geldt het btw-tarief van 0 procent, binnen Nederland doorgaans 21 procent.

Van regeltekst naar werkwijze

De vertaalslag naar de werkvloer is korter dan de verordening doet vermoeden. Vier afspraken dekken het grootste deel:

  1. Een partij ontstaat op één moment en krijgt dan meteen een code en een herkomst.
  2. Elke handeling die de samenstelling verandert, maakt een nieuwe partij aan.
  3. Etiketten komen altijd uit de partijgegevens, nooit uit een los sjabloon.
  4. Een levering is pas af als de partijcode op de pakbon staat.

Werk je in een tuincentrum of een handelsbedrijf, dan gelden dezelfde principes maar spelen andere vragen, zoals herverpakken en doorleveren. Die hebben we apart behandeld in het overzicht met vragen over plantenpaspoorten in het tuincentrum.

Wie deze artikelen schrijft en waarom, lees je op de pagina over Jimenez Julien en zijn werk aan registratiesoftware.

Conclusie: de verordening vraagt vooral een sluitende keten

Wie EU-verordening 2016/2031 terugbrengt tot een sticker, houdt werk over dat elk seizoen terugkomt. Wie de verordening leest als een eis aan de keten, bouwt een administratie die ook bij bestellingen, voorraad en facturatie helpt. Plantpaspoort Pro is op die tweede lezing gebouwd: partijen met herkomst, etiketten uit de partij, leveringen bij de partij en een keten die jaren terugloopt.

Wil je weten hoe dat op jouw sortiment en jouw manier van werken uitpakt, vraag dan een demonstratie aan via het contactformulier. Beschrijf kort welke stromen je hebt, dan lopen we ze samen langs.

Verder lezen